Bericht uit Afrika (december)
Donderdag 25 december 2003:
Dogon - We kampeerden een klein uur rijden voor de stad, eigenlijk
hadden we door willen rijden om op een camping te gaan staan en daar andere
toeristen te ontmoetenen hun ervaringen te horen. Alleen het was al te donker
en dus kampeerden we eerder.
Startpunt van de Dogonvallei is Bandiagara, vandaar huur je bijvoorbeeld
een gids en is er geen openbaar vervoer meer (eigenlijk word je in het hele
land aangesproken of ze alsjeblieft jouw gids mogen zijn). En dan eerst het
vervoer om echt bij de klif te komen waar het wandelen kan beginnen. Was erg
duur, dus besloten we om dat zelf te rijden en we lieten ons nog verder
informeren je kon zelfs nog wel verder met de auto (4x4) en dan af en toe een
dorpje bezoeken en de klif opklimmen. Aangezien we met Gerben van twee jaar
reizen die niet veel zelf loopt leek ons dat wel een goed idee, ook voor Johan
zou het snel te veel zijn.
We onderhandelden met twee gidsen maar de ene wilden we niet omdat hij te
weinig Engels sprak. Uiteindelijk hadden we wel iemand en een prijs
afgesproken. Omdat ze belachelijk hoge bedragen vroegen zeiden wij dat het
alleen voor het gidsen was en niet inclusief
overnachting/eten/toeristenbelasting voor het dorp, dat zouden we zelf
regelen.
De jongen ging eerst nog eens thuis overleggen of hij het wel moest doen,
kwam terug om te zeggen dat hij niet meeging maar wel iemand anders kende.
Deze jongen was een veel minder vlot persoon en we konden ook niet
communiceren met elkaar. Er werden ons zo nog wel vijf anderen aangeraden,
jongens die we niet eens ontmoet hadden. Eigenlijk waren we het al goed zat,
toen ontmoeten we een andere toerist die zei dat het zo makkelijk te vinden
was en dat jongetjes onderweg je ook nog wel even de goede weg wijzen. We
kochten nog een voorraadje brood, want we verwachten niks te kunnen krijgen in
de Dogon dorpjes(wat later ook zou blijken) en gingen op weg zonder gids.
We dachten: er zijn ook altijd nog wel mensen ter plaatse die we kunnen
inhuren. Al snel gingen we van de doorgaande weg af en eigenlijk was er een
hele mooie weg, allemaal beton platen tussen een rotsig gebied door. We
passerden een groep weesjongetjes die hard aan het zingen waren en met kalabas
rammelaars muziek er bij maakten. Voor hen stond een bakje op straat waar je
wat geld of een ander gift in kon doen. Er lag al wat kopergeld, een snoepje,
een zakje met een paar oliebolletjes en een paar tomaatjes. Het klonk erg mooi
en ze zagen er leuk uit, een soort simpele jurk van een zak genaaid.
Natuurlijk stopten wij en ze waren zo enthousiast, ze gingen nog harder zingen
en muziek maken. Ik telde 15 kinderen en pakte evenzoveel snoepjes. Ook wilden
we geld geven maar hoeveel? We gaven ze een biljet, misschien kregen ze dat
wel bijna nooit. Toen ze dat zagen ging ze zo hard rammelen dat de helft van
de rammelaars uit elkaar vloog, iedereen had grote pret.
De weg ging verder en we kwamen bij het eerste dorpje dat nog in het gewone
landschap was, we stopten voor een colaatje en misschien een lunch. Het was
weer zeer prijzig en we hadden eigenlijk ook alles wel bij ons in de auto dus
reden we na twee souveniertjes gekocht te hebben verder ( ik moest 500 cfa
terug krijgen en kreeg alleen muntjes van 10 en 25 terug. Het is altijd een
kunst om genoeg kleingeld te hebben anders kan je soms niks kopen). Toen
veranderde het min of meer vlakke landschap in een bergpas. Nog net boven aan
onder een overhangende rots hebben we een broodje gezond gegeten: Sla, vis,
mayonaise en smeerkaasjes. We hebben nog even geklauterd. Er was een grote
grot, met licht in de verte. Daar konden we er weer uit. Dat was natuurlijk
erg leuk voor de kindertjes (en voor ons).
Bij de auto hebben we nog even remolie ververst en Gerben zat op de po en
speelde met zijn speelgoedkoe uit Nederland. Er was bijna geen verkeer. Toen
kwam er een jongetje aan die bovenop een koe reed. Het was een heel bijzonder
gezicht en Gerben was erg enthousiast. Het was een mooie bergpas en een eindje
verderop haalden we de koe weer in. Onderaan bij de klif was een onduidelijk
zandpad dat langs de klif liep. Omdat er geen andere paden waren moest dat dus
wel het pad zijn. Martin zette de 4x4 aan en Johan en ik gingen op het dak
zitten. Het uitzicht was schitterend en Johan mijmerde "wat is de wereld toch
mooi..."
Plots zag Johan als eerste de huisje in de rotswanden, het was net zo mooi
als op de ansichtkaarten. We kronkelden door een paar kleine dorpjes. Er ging
nog een eindje een lifter mee en we stopten in het dorpje Ende. Direct werden
we aangeklampt door mensen die met ons naar boven wilden lopen. We kozen
degene uit die het best Engels kende, en spraken af dat hij ook Gerben moest
dragen. Dat was eigenlijk vanzelfsprekend voor ze, maar de gids huurde zelf
nog snel even een drager. Het was een prachtige wandeling omhoog. Er waren dus
twee mannen mee en bij de moeilijke stukken kon Johan ook geholpen worden. We
bezochten een medicijnman en een offerplaats en er werd ons verteld hoe ze de
doden omhoog takelen en in een rotsspeet te ruste leggen. De gids liet ons de
maskers zien die ze bij die rituelen gebruikten.
Terug in het dorp hebben we ons tentje op gezet en spaghetti in een
kampement gegeten. Toen we nog niet in het kampement waren was het zo druk met
kijkende mensen dat we even op het dak van de auto ons eigen plekje maakten.
Een paar dorpjes verder, hoog op de klif, zou de volgende dag een masker/dans
festival zijn. We stonden vroeg op, aten ons broodje in de auto en reden weg
met prachtig zonsopgangslicht.
Onderaan de klif, bij het dorpje waar we omhoog moesten, parkeerden we de
auto. Er was maar één jongen die Engels sprak en dus huurden we hem in om met
ons naar boven te klimmen. Hij gaf aan dat hij Gerben niet zou kunnen dragen
dus huurden we daar iemand anders voor. Voor 2000 CFA (€3) hebben ze ons de
hele dag geholpen. Eerst moesten we twee kilometer richting de klif lopen, ze
regelden een ezelkar voor de kinderen. Er liep een prachtig geklede jagerman
met ons mee, die ging ook naar het feest. Wij gingen als groepje naar boven.
Het was een hele steile klim en we kwamen door een rotsspleet met veel groen.
Johan vond het wandelen leuk en is helemaal zelf naar boven gelopen, soms even
een hand van de gids of de jagerman. Johan vroeg aan de jager of hier ook
aapjes zitten, en dat was soms wel zo!
Boven moesten we nog een stukje vlak lopen en toen lag daar een prachtig
dorpje. Wij werden naar een kampement geloodst en er werd warme cola op
gehaald en gesuggereerd dat we vast onze lunch moesten bestellen. Alleen weer
belachelijke prijzen en we hadden alles in ons dagrugzakje. We luierden wat op
een paar verschillende plekken en maakten nog eens een wandeling door het
dorpje. Er werd een geit geslacht, zijn vel werd er af gestroopt en daarna
alle ingewanden eruit... Het was een vies gezicht maar Johan wilde graag
blijven kijken.
Vanwege het feest was er een handelaar in het dorp met "luxe" artikelen. Er
waren zakjes macaroni te koop en niet eens duur dus voor beneden bij de auto
kocht ik 1 zakje. Toen stelde jongens voor dat zij wel macaroni voor ons
wilden klaarmaken als wij de ingrediënten kochten.
Dat vonden wij wel prima, ik denk dat ze vooral bezorgd waren dat zij ook geen
eten genoeg kregen. Wel deelden we steeds onze versnaperingen. Op twee takken
vuurtjes hebben ze macaroni en een saus klaargemaakt. Toen we dat op hadden
hoorden we dat het feest al begon, en gingen wij daar ook heen. Er was veel
getrommel, vrouwendans, een jagersdemonstratie en gemaskerde mannen. Het was
een lokaal feest, er waren vele mensen. Als er weer een gemaskerde man ergens
opdook dan stoof de hele menigte op alsof ze bang voor hem waren.
Terwijl de jagers knalden met hun geweren, lag Gerben op de grond te
slapen. Hij heeft alleen het laatste 1/2 uurtje meegekregen. Het was tijd voor
ons om naar beneden te klimmen, dat was veel enger dan omhoog. We hadden twee
jongens bij ons en Johan werd ook een deel gedragen. Beneden bij de auto
kochten we nog een colaatje en we reden weer een stukje terug om ergens tussen
de dorpjes in, op een eigen plekje, te gaan kamperen. De volgende dag zou
Johan jarig zijn en wij onze reis voortzetten naar Burkino Faso.
Toen we 's ochtends wakker werden had ik met een raamstift vlaggetjes op de
ramen getekend en heel groot JOHAN 6. Johan wilde graag de kadootjes over de
dag gespreid dus we deden een paar pakjes in de tent. We wilden net gaan
pannenkoeken bakken voor het ontbijt, toen er een groepje mensen uit het dorp
kwamen om te zeggen dat we veel geld moesten betalen omdat het grond van het
dorpje was. We werden erg boos omdat ze 's avonds nog gezegd hadden dat het
goed was wanner we daar kampeerden en nu dit. We hebben ook niet betaald en
zijn maar snel weg gegaan. Waarschijnlijk komt het doordat er dorpjes zijn die
veel verdienen aan de toeristen terwijl dit dorpje wat achtera lag en dus
nauwelijks profijt heeft. We kochten van de kinderen nog leuke pistooltjes die
een knal geven d.m.v. een lucifer. In Ende hebben we nog even rond gewandeld,
we wilden een trappetje kopen en kwamen op heel wat erfjes maar er was geen
geschikte. Ze hebben hier erg leuke trappen, het is een boomstam met bovenaan
een V. In de stam zijn treden gezaagd. Wel kochten we als ontbijt een zak vol
minioliebolletjes die we bij de auto met suiker opaten (Een heel gewoon
ontbijt hier maar meestal eten zij het met piment).
We reden de Dogon vallei uit en gingen richting Burkina Faso. Bij een
groter plaatsje stopten we om brood te kopen en om een foto te maken van een
mooie moskee. Johan zag een jongetje op straat met een zelfgemaakt pijl en
boogje en wilde die graag hebben. Hij heeft deze toen voor een klein beetje
geld en een pak koekjes geruild. Het is Johans mooiste verjaardagskado. Bij de
grens het land uit controleerden ze nauwelijks de papieren, terwijl wij zoveel
moeite hadden gehad voor de autoverlenging.
Burkino Faso in was een beetje meer gedoe omdat we nog geen visum hadden.
Het was druk bij het grenspostje en er werkte maar 1 man omdat het zondag was.
Ergens werden de juiste stempels uit een laatje gehaald we betaalden en
moesten nog weer meer papieren invullen en het was klaar. Direct was het
wegdek anders maar ook nog heel goed. Ook de hutjes waren anders, ze hebben
hier voorraadhutjes, helemaal van gras gemaakt. We kwamen langs meren en dus
hebben de mensen hier moestuintjes. We konden weer een keer worteltjes kopen.
Groot was onze verbazing dat ze hier zelfs een route de peage hebben: het is
een mooie asfaltweg en kost € 0,75 om er overheen te mogen. Dat betalen we
graag voor een goede weg!
We stoppen op tijd om nog een beetje Johans verjaardag te vieren en ook
moeten we de auto opruimen want sinds Timboektoe is dat niet meer gebeurd.
Johan krijgt weer een paar pakjes en speelt er de hele middag al mee. 's
Avonds eten we smurfenmacaroni en tomaten-olijvensalade. Ook hebben we een
kampvuurtje. Voor het naar bed gaan mag Johan al een paar vuurwerkjes
afsteken, die hij ook voor z'n verjaardag had gekregen.
's middags en 's avonds hebben we gemiddeld twee kijkers (lokalen die ons
gade slaan en er soms ook gewoon op een afstandje bij gaan zitten). Als het er
een of twee zijn dan geven we een hand en maken we een praatje. Verder negeren
we het en merken we het eigenlijk nauwelijks meer. 's Ochtends waren er eerst
ook twee maar later wel een stuk of 15 of 20. Jong en oud, mannen en vrouwen.
Dat is heel normaal in Afrika. Als we de bush uitrijden hebben we gelijk een
lekke band, nota bene door een houten stokje, dat precies tussen het profiel
door prikt. We wisselen de band en gaan naar Ougadougou waar we zo snel
mogelijk onze paspoorten inleveren bij de ambassade van Ghana. Het was flink
zoeken en we hebben de goede straat gevonden. Alleen weten we geen huisnummer.
Als we vragen blijken we er schuin voor te staan. Op ons kampeerkrukje achter
de auto vullen we de formulieren in 4-voud in. Hier zijn we wel even mee bezig
en weldra komt de ene verkoper na de andere langs of we alstublieft iets
willen kopen zodat zij eten kunnen kopen (bananen, plastic zakje bissap
limonade, watermeloen, speelgoed, muziek, snoep, e.t.c.). Grappig. We leveren
de formulieren in. Helaas zijn de visa pas overmorgen gereed. Daarna naar het
postkantoor. Deze is nog een uurtje dicht, maar er tegenover kunnen we een
pizza eten! Nederlandse prijzen, maar heeeeerlijk!!!!
De post is er en het is een groot feest! 9 brieven/kaarten, en er is zelfs
een pakje bij! Nog even internetten en toen op zoek naar een camping aan de
rand van de stad. Tot de volgende keer!
Martin, Johan en Gerben en Anneke.